Het verslag van 5 februari

Het verslag van 5 februari

Deze middag zijn we met vier kinderen die allemaal graag de praatstok in handen willen. Een van de kinderen maakt er een microfoon van en zingt een praatjeslied. Dan stellen we de vraag wie je vertrouwt: mama, papa, mijn vriendinnen, mijn hond. En wie kan op jou vertrouwen? Papa, mama, mijn zus, mijn vriendinnen, kinderen. Is jou altijd alles eerlijk verteld? Nee, de dokter vertelde eerst niet alles, we moesten er naar vragen. Nee, mij is toen niet verteld dat er een ander kind in het ziekenhuis is doodgegaan aan kanker. Ja, mama heeft verteld van een toverdrank die ze moest nemen om beter te worden en de slechte cellen weg te krijgen. Hierna zijn er ook nog kinderen die graag willen delen wat er thuis speelt omdat hun moeder binnenkort een operatie moet ondergaan. 

We luisteren naar een verhaal van Anne 'Te klein'. In het verhaal is de moeder ziek en vertel alleen aan het oudste kind wat er aan de hand is. De jongste vindt ze nog te klein. Het grootste kind gaat piekeren en dromen, de jongste kan niet meer naar de w.c., tot mama uiteindelijk toch vertelt wat er aan de hand is. De kinderen herkennen deze situatie maar al te goed. De kinderen bij Scarabee bewijzen dat ook de jongsten precies weten wat er speelt.

We doen een spel waarbij je een ander moet vertrouwen. Een is de begeleider en de ander doet de ogen dicht. De begeleider leidt je door de ruimte zonder je te laten botsen. Sommige begeleiders doen dat bij de arm, andere duwen op je rug. Best lastig als de verschillen tussen groot en klein enorm zijn.....Als je je ogen dicht hebt hoor je door de geluiden soms toch waar je bent en iemand kan het voelen aan een ongeregeldheid in de vloer. Een spannend spelletje waarbij we ook omruilen. 

febr A

Op de grote tafel liggen 2000 puzzelstukjes in heel veel kleuren. De kinderen denken dat we gaan puzzelen,  maar dat is niet de bedoeling. Ze mogen een figuur maken van puzzelstukjes op karton wat te maken heeft met vertrouwen. Voor de een wordt het een hart, voor de ander het huisdier, voor iemand een boom en voor een ander een gedachtenwolk. Zo maken we allemaal wat anders. Elk kind heeft een lijmtube waar je op je papier of op je puzzelstukje mee kan lijmen. Sommigen doen laagjes over elkaar heen, sommigen zoeken de stukjes op kleur anderen willekeurig. Een van de kinderen wil graag wat rozijntje in haar hart plakken en zelfs dat mag. Nu maar hopen dat ze blijven zitten. We hebben lekkere kaasstengels en dropjes en limonade tijdens ons werk. Ook Raaf eet mee. Tijdens het werk wordt er ook gepraat over de Droomdag die twee kinderen met hun gezin hebben meegemaakt. Ze waren als prinsessen verkleed maar er waren ook echte prinsessen. En ze mochten brand blussen met een echte brandweerspuit.

febr B

Na het knutselen doen we nog een vertrouwensspelletje. In het midden van een kleine kring staat een kind die zich met de ogen dicht achterover, voorover of opzij mag laten vallen. De anderen vangen het kind op en duwen het zachtjes met hun handen terug. Als je de anderen vertrouwt kan je je lekker laten tuimelen en dragen. Als je ze niet durft te vertrouwen ga je niet meebewegen maar hou je je lijf stijf of beweeg je zelfs tegen. Niet ieder kind durft in de kring. Spannend omdat we met heel verschillende lengtes in de kring staan. Hou jij mij wel? Laat je met niet vallen?

febr C

In de kring op de grond mag elk kind een hartenkaartje voor een ander uitzoeken: omdat jij met rozijntjes had geplakt krijg jij van mij deze oogjes, omdat ik jou de regenboogkleuren gun, omdat jouw mama geopereerd wordt krijg jij van mij lieve gedachten spookjes ipv monsterspookjes, omdat jij kinderen van donker naar licht helpt krijg jij een kaartje met de zon.

Hierna krijgen alle kinderen een Klavertje vier om thuis te kweken en een kleur/puzzelboek voor thuis. De moeders komen onze puzzelkunstwerken bekijken. Wie weet mag er een mee naar het ziekenhuis.